Slavernij, verzet en vrijheid Verhaal 6 van 18
De slavenhandel op Curaçao
Tussen 1665 en 1863 speelde Curaçao een belangrijke rol in de trans-Atlantische slavenhandel. De West-Indische Compagnie (WIC) gebruikte het eiland als handelscentrum voor Afrikaanse mensen die onder dwang uit Afrika werden weggevoerd.
De tot slaaf gemaakte mensen werden onder mensonterende omstandigheden per schip vervoerd. Een deel verbleef tijdelijk op Curaçao voordat zij werden verkocht en naar andere gebieden in het Caribisch gebied en Zuid- en Midden-Amerika werden gebracht.
Een ander deel bleef op Curaçao. Zij werden gedwongen te werken in huishoudens, op plantages, in de haven en bij andere werkzaamheden. Zij werden behandeld alsof zij bezit waren, terwijl zij mensen waren met eigen namen, families, tradities en dromen.
Veel tot slaaf gemaakte mensen kwamen in verzet. Zij boden weerstand, vluchtten of kwamen in opstand. Op 17 augustus 1795 leidde Tula een grote opstand tegen de slavernij.
Op 1 juli 1863 werd de slavernij op Curaçao afgeschaft. De voormalige slaafgemaakten kregen hun vrijheid, maar zij moesten daarna nog veel sociale en economische ongelijkheid overwinnen.
Lees dit verhaal ook in het:PapiamentuEnglishEspañol